donderdag 16 mei 2013

The Who - Tommy (1969)

Tommy komt voor mij over als verhaal over een kind welk gebukt gaat onder de nodige psychische druk en geestelijke dan wel lichamelijke mishandeling. Hij is de persoon die juist wel zintuigelijk waarneemt, maar de wereld rondom hem heen sluit de ogen voor het duidelijke zichtbare leed wat hem wordt aangedaan. Tommy is de schuchtere jongen die zich steeds meer afsluit van de buitenwereld en een muur rondom zichzelf bouwt. Tot hier lijkt de verhaallijn aardig op The Wall van Pink Floyd, de hoofdpersoon hier heeft tevens te maken met het ontbreken van een vaderfiguur in zijn eerste levensjaren. Net als bij Pink Floyd wordt er flink geƫxperimenteerd met de nodige drugs, al worden ze hier meer open in het verhaal verwerkt. Maar dan komt de omslag; vanwege een bepaald talent of gave ziet men de hoofdpersoon opeens wel staan en wordt hij als een soort van Jezus neer gezet. Of dit autobiografisch is, weet ik niet. Daarvoor ben ik te onbekend met de achtergrond van Pete Townshend. Ik kan mij wel een voorstelling maken van een schuchter, getreiterde jongen die zich vanwege zijn gitaarspel en podiumpresentatie ontwikkeld als held. Tijdsgenoten The Beatles en Eric Clapton werden vergeleken met God of Jezus, dus die link met de Messias en zijn volgelingen is ook te verklaren. Helaas moet ik hierdoor wel net te vaak aan Life of Brian van Monty Python denken, maar dat is mijn probleem. Feit is wel dat ik Tommy meer een geheel vind als The Wall, en daardoor prettiger te beluisteren, zonder skipmomenten. Pink Floyd had al een aantal legendarische albums op hun naam staan, en ik heb altijd het idee gehad, dat hij daarom zo succesvol was. Tommy is een ander verhaal. Tommy heeft de hippiecultuur, maar ook de angst voor dreigende oorlogen in zich. Tevens wordt het gevaar van het massaal volgen van een groot leider in de verhaallijnen benoemd. Helaas probeert Townshend later in interviews het geheel uit te leggen met de nodige aanpassingen, had voor mij niet gehoeven, de fantasie van de luisteraar mag ook geprikkeld worden. En dan het muzikale gedeelte. The Who weet vooral live goed hard uit te pakken met de nodige vernielingen om het effect te benadrukken; hier op Tommy zit het allemaal precies tussen de lijntjes, maar de kracht zit hem in de wel hoorbare dreiging. Je wacht op de explosie, die maar niet wil komen. Het uitstellen van klaarkomen. Vaak werkt het niet, maar juist hier is dat wel het geval, The Who weet hun muzikaliteit te benutten zonder de voorheen aanwezige poespas. Mooi album. Boudewijn de Groot heeft deze ook thuis in zijn verzameling, al zal hij het natuurlijk ontkennen, maar luister eens naar het begin van Sparks, en leg dit langs zijn hit Jimmy, en je weet wat ik bedoel. 16 mei 2013

Geen opmerkingen:

Een reactie posten